PaTIO

PaTIO staat voor Physiotherapeutic Treat-to-target Intervention after Orthopaedic surgery; a cost-effectiveness study (na het plaatsen van heup- of knieprothese).
Het voorstel is in april 2017 ingediend voor de 1e ronde van het project Leading the Change en in juli is bekend gemaakt dat de Stichting Zorgevaluatie een bijdrage beschikbaar stelt voor verdere uitwerking. Het onderzoek wordt mede ondersteund door de NOV en het Koninklijk Nederlands Genootschap voor Fysiotherapie (KNGF). De onderzoeksvraag en de opzet van de studie vindt u hier±
 
Achtergrond
Postoperatieve fysiotherapie (PFT) is een bewezen effectieve behandeling na totale knie (TKA) en heup-arthroplastiek (THA). Uit onderzoek blijkt dat er geen consensus is wat betreft inhoud, duur en timing en veel praktijkvariatie. Wij stellen geoptimaliseerde, individuele treat‐to‐target fysiotherapie voor, in de vorm van een multidisciplinair, transmuraal zorgpad, gebaseerd op wetenschappelijk bewijs en op expert opinie.
Doelstelling & hypothese
Evaluatie van de kosteneffectiviteit van geoptimaliseerde, individuele treat‐to‐target-fysiotherapie-strategie, vergeleken met gebruikelijke fysiotherapeutische zorg voor TKP en THP patiënten.

De hypothese is dat de treat‐to-target-strategie betere functionele uitkomsten geeft vergeleken met de gebruikelijke zorg tegen lagere kosten (superioriteitstudie).
Studieopzet
In een cluster gerandomiseerde studie-design vergelijken we de kosteneffectiviteit van 2 strategieën betreffende fysiotherapie na een TKA of THA, namelijk treat‐to‐target-PFT en gebruikelijke PFT.
Populatie
Patiënten gepland voor een primaire TKA of THA en bereid om mee te doen aan de studie. Exclusiecriteria: TKA of THA vanwege andere diagnose dan artrose; niet onder controle zijnde cardiovasculaire aandoening of hypertensie; neuromusculaire aandoening die functie onderste extremiteit beïnvloedt; terminale ziekte; planning voor TKA of THA andere gewricht gedurende follow-up; niet in staat om follow-up metingen te volgen; “serious adverse event” tijdens chirurgische ingreep of vlak daarna; psychiatrische aandoening; niet goed beheersen van de Nederlandse taal (spraak of geschreven). 
Interventie
Treat‐to‐target-strategie: Geoptimaliseerde, individuele strategie, die inhoudt dat dat na initiële behandeling door de fysiotherapeut in het ziekenhuis op grond van een gestandaardiseerde assessment van gezondheidstoestand en persoonlijke en externe factoren en het bereiken van functionele mijlpalen wordt bepaald of patiënten zonder supervisie thuis een oefenprogramma kunnen uitvoeren, of onder begeleiding van een eerstelijns fysiotherapeut verder worden behandeld.
PFT in de eerste lijn omvat een zowel qua inhoud als tijd gestandaardiseerd behandelprogramma, met de evidence‐based onderdelen training van dagelijkse activiteiten en spierfunctie, met regelmatige evaluatie momenten betreffende het bereiken van functionele mijlpalen. Na het behalen van gestelde mijlpalen zal de behandeling gestopt worden en zal iedere patiënt een plan meekrijgen om zelfstandig thuis te oefenen in combinatie met reguliere sport- en beweegactiviteiten. Deze strategie als geheel is gebaseerd op wetenschappelijk bewijs en op expert-opinie.

Gebruikelijke zorg: Huidige PFT-behandeling
Primaire uitkomstmaat
Verschil tussen beide groepen in verandering in KOOS‐PS / HOOS‐PS score, baseline (postoperatief vergeleken met 3 maanden postoperatief).
Groepsgrootte-berekening & data-analyse
Om een minimaal klinische relevant verschil van 10 punten in KOOS‐PS/HOOS‐PS score in het voordeel van de treat‐to‐target-PFT aan te tonen, zijn 320 TKA en 320 THA patiënten nodig.
Kosteneffectiviteit en budget impact-analyse
Kostenutiliteitsanalyse op basis van patiënt rapportage (maatschappelijke kosten per QALY) en kostcalculator spreadsheet model (BIA).
Tijdpad
Maand 1‐3 voorbereiden; 4‐31 inclusie, follow‐up en analyseren korte termijn resultaten, 32‐36: analyse en rapportage lange termijn resultaten, economische evaluatie.
Om u beter van dienst te zijn, maakt de website gebruik van cookies.